“En waakzaam, altijd waakzaam”

PEN Vlaanderen richt zich niet enkel op het vrije woord in andere landen, maar houdt ook de vinger aan de pols in eigen land. Recente evoluties in het maatschappelijk debat, onder meer door de toenemende rol van sociale media, zorgen ervoor dat we waakzaam moeten blijven voor de bescherming van het vrije woord voor auteurs, journalisten en academici. In de maandelijkse rubriek ‘PEN vraagt… en bij ons’ interviewen we een Vlaamse auteur over het vrije woord in Vlaanderen.
Angelo Tijssens is auteur en scenarist. Zijn debuutroman De randen verscheen in 2022. Daarna volgden Het einde van de straat en Beginnen. Angelo is ook mentor van een van onze PEN-auteurs. Hoe ervaart hij het vrije woord in Vlaanderen?
Zijn we in Vlaanderen als schrijvers echt vrij om te schrijven wat we willen?
Ja. (waarmee ik niet gezegd wil hebben dat dat onveranderlijk is, dat we niet waakzaam moeten blijven.) ((en hier en daar is allicht een of andere droeflul klaar om een matig geformuleerde recensie te schrijven, of een overijverige schepen wil meer te zeggen hebben over het aankoopbeleid van de bibliotheek, maar in vergelijking met vele andere plaatsen in de wereld mogen wij vrij zijn. En waakzaam, altijd waakzaam.))
Censureer je jezelf in wat je schrijft?
Neen. Alles wat ik denk nodig te hebben om te vertellen wat ik wil vertellen, is toegestaan. Dit gezegd zijnde: ik denk vaak aan wat de Franse filmmaker Céline Sciamma tijdens een lezing vertelde: alles wat je leest, ziet, denkt en doet, voedt je, als maker, als mens. Je hele wereldbeeld zit vervat in hoe je denkt, op die manier is intuïtie politiek.
Durf je in interviews vrijuit spreken of leg je jezelf soms beperkingen op?
Ik probeer het in interviews over mijn werk te hebben, over de dunne lijn tussen mezelf en mijn werk. Ik probeer anderen daar buiten te laten. Tenzij ze het verdienen, omdat ze een groot platform hebben en er tegen hen moet worden ingegaan.
Moet je als schrijver voorzichtig zijn om niemand te bruuskeren?
Neen. Omdat je als schrijver ook mens bent, ik voel dat dat primeert. Als je voelt en vindt dat dat moet, om bijvoorbeeld onrecht aan te klagen, om de macht uit te dagen, om welke reden dan ook, dan moet je dat kunnen doen. Je mag – dat is het mooie van een vrije samenleving, ook echt een lul zijn. En vervolgens mogen wij ook met z’n allen zeggen: wat is dat een lul. Prachtig.
Moeten de boeken die we schrijven politiek correct zijn?
Om de grote filosoof Jan Jambon te parafraseren: da gade gij niet bepalen. Wie bepaalt wat ‘politiek correct’ is? Linkse activisten, zoals rechtse beleidsmakers beweren? Of ambitieuze autocraten, zoals we steeds meer en meer zien? Het is zo’n holle term, gebruikt als trom voor wie niet wil luisteren naar de nuance van de ander. Het verwijt ‘politiek correct’ te zijn wordt veelal gebruikt door mensen die hufterigheid met noodzaak verwarren.
Waar liggen voor jou de grenzen van vrije meningsuiting?
Bij oproepen tot geweld. Er is ook nog het fatsoen, natuurlijk, maar dat is moeilijker te reguleren, ook al omdat die lijn voor velen elders ligt. Ik vind persoonlijk dat je mensen met minder macht – economisch, sociaal, militair, niet als minderwaardig benoemt, maar dat zal wel mijn ‘politiek correct’ denken zijn.
Wat is volgens jou op dit moment de grootste bedreiging voor het vrije woord?
De angst van wankele leiders om hun macht te verliezen omdat iemand iets zegt, omdat iemand de waarheid fluistert en iemand anders die dan door zegt, omdat iemand systematische ongelijkheid benoemt, voelbaar maakt, omdat iemand een grap maakt die aan de poten van de macht zaagt, omdat iemand de liefde verklaart op een plek in de tijd waar dat als gevaarlijk wordt gezien, omdat iemand oproept te medemenselijkheid, omdat iemand een kat een kat noemt.
Durf je soms iets niet op te schrijven uit angst in een bepaald hokje geplaatst te worden?
Neen.
Hoe beïnvloedt sociale media de vrije meningsuiting volgens jou?
Het vergt niet veel moed om in je ondergoed met een vettige iPad op schoot mensen verrot te schelden met een anonieme profielfoto en een cryptische nickname. Daar kunnen we het met z’n allen over eens zijn. Maar dat beeld moet steeds meer worden bijgesteld – we zien herkenbare foto’s, mensen die met naam en toenaam de goorste woorden bovenhalen om het over anderen te hebben. Haat en nijd worden, al dan niet onder de verkeerdelijk gebruikte vlag van de vrije meningsuiting of ‘humor’ genormaliseerd. Ik ben er zelf vertrokken. En ik heb meer vrije tijd nu, om te schrijven, of in ’t echt met mensen te praten. Ik merkte dat die algoritmes mij hoofdzakelijk dingen voorschotelden waar ik kwaad van werd. Dat is de fuik die ze opzetten en we zwemmen er met z’n allen in, want als wij kwaad zijn en reageren en klikken en delen, dan blijven we langer hangen en dan verdienen zij nog meer aan de reclame-opbrengsten. Op die manier ben je niet langer een gebruiker, maar een product: hoe meer ze jouw reptielenbrein kunnen aanspreken, hoe meer zij binnenharken.
Tegelijkertijd zie je dat sociale media voor veel mensen een manier zijn om met gelijkgestemden in contact te komen, om te zien dat er mensen zoals zij bestaan, biedt het mensen de kans om zich uit te spreken op een manier die enkele decennia geleden nog ondenkbaar was. Revoluties worden via Instagram voorbereid, een discord-kanaal kan protesten op straat mogelijk maken. Daarom zijn autocraten er als de kippen bij om macht te vergaren via sociale media én sluiten ze de communicatiekanalen af van zodra ze tegen hen of hun regime zouden kunnen worden gebruikt.
Bestaat er volgens jou zoiets als marktcensuur? Primeren commerciële overwegingen boven literaire kwaliteit in de uitgeverswereld?
Allicht. Dat is de markt. Uiteindelijk zullen commerciële overwegingen het altijd halen, al betekent dat nu ook niet dat er overal briljante debuten niét worden gepubliceerd. In tegendeel: misschien is er wel gewoon veel te veel. Vaak lijkt het alsof er met losse flodders op een wolk wordt geschoten: misschien raken we iets, misschien ook niet?
Heb je ooit dingen geschreven waarvan je spijt hebt?
Enkel in privéberichten.
Heb je ooit iets uit je manuscript moeten schrappen van een uitgever/redacteur/sensitivity reader?
Neen.
Welk boek hoort volgens jou thuis in onze PEN-boekenkast waarin we boeken van gevangen schrijvers of schrijvers in ballingschap verzamelen?
Ik vrees dat er een rek moet worden bijgebouwd, met boeken die al verboden worden – schrijvers zijn de volgende stap. Het gebeurt nu, in landen die we democratisch blijven noemen, dat stemmen versmoord worden onder druk van een regime dat de geschiedenis probeert te herschrijven in de hoop ook vat op de toekomst te krijgen.
Welke boodschap zou je willen geven aan een gevangen schrijver?
Dit gaat voorbij. Veel mensen willen verandering.
Welke verantwoordelijkheden dragen schrijvers volgens jou?
De inherente waarheid van hun eigen werk uitdragen.
Welk advies heb je voor beginnende schrijvers?
Don’t quit your day job (yet). Koop jezelf de vrijheid om te schrijven wat je wil schrijven, op jouw tempo, in jouw woorden. We hebben nood aan leerkrachten, rekkenvullers, buschauffeurs, verplegers en ingenieurs en aan schrijvers die de tijd en de ruimte nemen om hun verhaal te vertellen. Een schrijver is een onderdeel van de wereld en schrijven is maar al te vaak een privilege van een gegoede, gestudeerde klasse geweest.
Welke schrijver, levend of overleden, wil je graag ontmoeten? Waarover wil je het met hem of haar hebben?
Ik wil met James Baldwin door Parijs wandelen en luisteren.
Hoe lang ben je al lid van PEN en waarom?
Nog niet lang genoeg, vind ik. Ik had al lid moeten zijn toen ik nog maar de vage gedachte had dat ik ooit iets zou willen schrijven, omdat die gedachte kon bestaan. Omdat ik kon denken: hé, ik wil schrijven, zonder angst voor vervolging, censuur, bedreiging of wat dan ook. En zovelen kunnen dat niet.
