Zo vrij als iemand kan zijn die zijn land wordt uitgezet

Foto PEN Belarus: Ales Bialiatski & PEN Belarus voorzitter Taciana Niadbaj

Tekst: Peter Vermeersch

Op 13 december 2025, om vier uur ’s ochtends, werd Ales Bialiatski in zijn cel wakker gemaakt. Hij kreeg een blinddoek om, werd in een auto gezet en begon aan een rit die uiteindelijk uren zou blijken te duren: van Horki, bij de Russische grens, naar de grens met Litouwen. Pas daar werd duidelijk wat er was gebeurd: hij was vrij. Of toch zo vrij als iemand kan zijn die zijn land wordt uitgezet.

De vrijlating van 123 politieke gevangenen door het regime van Aleksandr Loekasjenko, diezelfde 13 december, werd internationaal onthaald als een doorbraak. De politiek geëngageerde rockzanger Ljavon Volski noemde het op zijn sociale media een ‘kerstwonder’. Het wás ook indrukwekkend. Onder hen bevonden zich enkele van de bekendste gezichten van het Belarussische verzet, onder wie dus Ales Bialiatski, oprichter van mensenrechtenorganisatie Viasna en Nobelprijswinnaar voor de Vrede in 2022, en ook Maryja Kalesnikava, de belangrijkste medestander van Sviatlana Tichanovskaja, de voornaamste uitdager van Loekasjenko bij de presidentsverkiezingen van 2020. Burger- en mensenrechtenorganisaties wereldwijd, waaronder PEN, hadden al jaren hun vrijlating geëist, vaak nadat lange tijd elk contact tussen deze gedetineerden en de buitenwereld was weggevallen en er ernstig werd gevreesd voor hun leven.

Een ruil met economische voordelen

Dat zij uiteindelijk de cel achter zich mochten laten, bleek het resultaat van een deal met de Verenigde Staten – zelf het eindpunt van een langere, geheime onderhandelingsronde, op instigatie van president Trump. In ruil voor de vrijlating kreeg Loekasjenko verlichting van Amerikaanse sancties op de export van potas door het staatsbedrijf Belaruskali. Potas is een essentiële grondstof voor meststoffen in de landbouw, en vóór het Amerikaanse sanctieregime van kracht werd, was Belaruskali goed voor ongeveer twintig procent van de wereldhandel. Ook in de ogen van Trump viel hier op zakelijk vlak dus wel een interessante slag te slaan. De ruil leverde hem economische voordelen op, versterkte zijn rol in de regio en vooral ten aanzien van Rusland, en paste perfect in zijn uitgesproken voorkeur voor ‘sterke leiders’: autoritaire bondgenoten die geen last hebben van parlementen, onafhankelijke media of rechtsstaten. Bovendien kon het geen kwaad een Nobelprijswinnaar voor de Vrede aan zijn palmares toe te voegen — het leek alleen maar zijn eigen aanspraak op die prijs te versterken.

Het was overigens niet de eerste keer in Trumps presidentschap dat politieke gevangenen in Belarus vrijkwamen na onderhandelingen met de VS. Op 21 juni 2025 mochten, na gesprekken met een speciale gezant van Trump, enkele prominente oppositiefiguren de gevangenis verlaten, onder wie Sviatlana Tichanovskaja’s man, Sergej Tichanovski, de blogger die in 2020 resoluut had gekozen zich kandidaat te stellen voor het presidentschap en daarvoor een enorme prijs had betaald: een veroordeling tot achttien jaar gevangenisstraf. Zijn vrijlating, net als die van december, werd onthaald als een humanitair succes.

Maar zo eenvoudig ligt het niet.

Permanente staat van politionele en juridische belegering

Sinds de massale protesten van 2020 — toen honderdduizenden Belarussen wekenlang de straat op gingen na flagrant vervalste verkiezingen — is de repressie onder Loekasjenko systematisch en genadeloos, en dat is ze ook vandaag nog steeds. Loekasjenko overleefde de crisis dankzij grootschalig politiegeweld tegen betogers, massale vervolgingen, steun van Moskou en een ijzeren greep op het staatsapparaat. Sindsdien regeert hij in een permanente staat van politionele en juridische belegering. Begin januari 2026 telde Viasna nog steeds minstens 1.131 politieke gevangenen, waarbij mensenrechtenactivisten ervan uitgaan dat het cijfer in werkelijkheid nog veel hoger is.

Wat vaststaat, is dat zich onder hen een brede waaier aan slachtoffers bevindt: prominente oppositiepolitici en mensenrechtenactivisten, maar evengoed ‘gewone’ burgers — fotografen, beeldend kunstenaars, muzikanten, schrijvers, studenten en leerkrachten. Vervolging treft niet uitsluitend wie de straat op gaat, maar ook wie zich slechts zijdelings of symbolisch uitspreekt: door een bericht te liken, een sticker te delen, een vlag op te hangen of een lied te zingen.

Cultuur werd een frontlinie — en is dat tot op vandaag gebleven. Uitgeverijen, theaters en onderwijsinstellingen werden gezuiverd; censuurorganen bestempelen kunstenaars en schrijvers als ‘extremistisch’. Burgerorganisaties als PEN Belarus, Viasna en tal van andere maatschappelijke verbanden werden al een hele tijd geleden eenvoudigweg verboden. Het regime beperkt zich niet tot het beheersen van het heden, maar probeerde doelbewust mogelijke toekomsten uit te wissen: elke vorm van culturele of intellectuele autonomie moet worden ontmoedigd, zo niet onmogelijk gemaakt.

De vrijlatingen veranderen voorlopig niets aan deze situatie. Sterker, het staat buiten kijf dat de recente vrijlatingen het regime zelfs goed uitkomen. Loekasjenko probeert al langer zijn afhankelijkheid van Rusland te verminderen en deze actie past in dat bredere plaatje. Aan de ene kant is duidelijk dat de oorlog in Oekraïne Belarus verder in de Russische invloedssfeer heeft geduwd: Russische troepen kregen vrije doorgang, raketten werden vanaf Belarussisch grondgebied gelanceerd. Sinds 2023 verschoof Belarus bovendien geleidelijk van passieve bondgenoot naar actieve logistieke en industriële schakel binnen het Russische oorlogssysteem. Maar Loekasjenko beseft dat absolute afhankelijkheid van Rusland gevaarlijk is. Met het oog op een mogelijke afloop van de oorlog in de nabije toekomst zoekt hij nu al nieuwe manoeuvreerruimte.

Politieke gevangenen als onderhandelingsmateriaal

De strategie die hij daarvoor hanteert is meersporig, opportunistisch en zelfs ronduit cynisch. Terwijl hij Moskou nog steeds paait met militaire loyaliteit, zet hij al enkele jaren migratie in als drukmiddel tegenover de EU door vluchtelingen naar de grenzen met Polen en Litouwen te sturen en benadert hij Washington via selectieve vrijlatingen in ruil voor sanctievermindering. De politieke gevangenen blijken nu zijn meest waardevolle onderhandelingsmateriaal te zijn. Ze leveren hem concrete financiële voordelen op en versterken het door hem zorgvuldig gecultiveerde beeld van zakelijke redelijkheid dat hij vooral richting Trump wil uitstralen. Dat Loekasjenko zich daarenboven probeert te profileren als mogelijke bemiddelaar tussen Oost en West in tijden van oorlog past ook in dat patroon, net als zijn hardnekkige droom om zich te kunnen opwerpen als een neutraal platform tussen de Europese Unie en Rusland — alles met het oog op het verstevigen van zijn eigen interne machtspositie.

Wie denkt dat deze deals zullen leiden tot een structurele versoepeling van de repressie, vergist zich dus. Een deel van de politieke gevangenen is weliswaar vrijgelaten — en 123 is zonder meer een aanzienlijk aantal —, maar de wetten die aanleiding gaven tot hun arrestatie blijven bestaan en ook vandaag worden mensen om politieke redenen opgepakt. Intussen wordt het regime op geen enkele manier ter verantwoording geroepen voor foltering, mishandeling of politiegeweld. Integendeel: het leert dat repressie loont en strategisch kan worden ingezet. Politieke gevangenen die via dit soort transacties vrijkomen, worden bovendien tot een leven in ballingschap gedwongen — wat uiteindelijk ook een onrechtmatige inperking van de vrijheid is, en dus een vorm van gevangenschap.

En toch. Ondanks alles zijn deze recente vrijlatingen ook een mijlpaal voor de zeer actieve Belarussische democratische oppositie en voor de vele Belarussen in binnen- en buitenland. Vooral op moreel vlak maken zij een verschil dat niet kan worden weggecijferd. In die vele Belarussische exilgemeenschappen is elke vorm van hoop, hoe fragiel ook, een cruciale dynamiserende factor, en het effect van de recente gebeurtenissen is dan ook direct merkbaar. Bialiatski, Kalesnikava en anderen voormalige gevangen wierpen zich in hun eerste persconferenties al op als onvermoeibare en welbespraakte verdedigers van vrijheid, mensenrechten en democratie.

Enthousiasme voor vrijheid, mensenrechten en democratie

Is dat enthousiasme in een wereld van machtspolitiek, autocratie en onderhandelde sanctievermindering niet naïef? Misschien. Maar het getuigt ook van een nieuw elan in de Belarussische oppositiestrijd. En als we aan iets behoefte hebben in het huidige politieke tijdsgewricht, dan is het precies dat: enthousiasme voor vrijheid, mensenrechten en democratie. Om die waarden te helpen verdedigen, hebben we mensen nodig die daar de waarde van inzien en er nog steeds zonder enige schroom durven voor gaan, ook in de moeilijkste omstandigheden.

En uiteraard hebben deze vrijgelaten Belarussen ons evenzeer nodig. Zij staan voor een moeilijke toekomst, terwijl de inzet nauwelijks groter kan zijn. Belarus wordt bestuurd door een illegaal regime dat zich moeiteloos schikt naar de logica van hedendaagse machtspolitiek en neo-imperialisme, en het land neemt een sleutelpositie in binnen de huidige geopolitieke constellatie. Wat zich in Belarus afspeelt, is daarom van rechtstreeks belang voor Europa. Het land is niet alleen een trouwe bondgenoot van Rusland, het is een actieve schakel in het militaire en ideologische front dat het Kremlin sinds 2022 heeft opgebouwd — tegen Oekraïne én tegen de mogelijkheid van nieuwe democratische bewegingen in andere voormalige Oostbloklanden. Loekasjenko hoopt dat de Europese Unie het spoor van de Verenigde Staten zal volgen en hem geleidelijk uit zijn internationale isolement zal redden, zonder dat daar wezenlijke toegevingen tegenover staan op het vlak van vrijheid binnen Belarus.

Voor Ales Bialiatski, Maryja Kalesnikava en de vele andere Belarussische oppositiefiguren is internationale steun van levensbelang — en ze is ook belangrijk voor ons. Zij belichamen, ondanks alles, de strijd voor vrijheid, mensenrechten en democratie. PEN Belarus is nog steeds verboden in Belarus. Alleen dat al — dat schrijvers niet mogen schrijven — zegt alles over hoe broodnodig die steun is.

Lees meer: